Column: archief

Burgerschaap

Door: Jaap de Jonge

Onlangs besteedde (misschien wel) de (beste) krant (van Nederland) weer eens ruime aandacht aan het vormingsgebied ‘burgerschap’. De krant meldde dat verreweg de meeste scholen er niet in slagen dit vormingsgebied zinvol in te vullen.
Verbaasd? Ik niet. De meeste scholen zijn er namelijk helemaal niet op uit om leerlingen echt mee te laten praten, laat staan mee te laten beslissen. En daar gaat het om bij burgerschap: de school als oefenplaats!

Veel scholen die dan toch een leerlingenraad hebben ingesteld, geven de leerlingen nog nauwelijks enige invloed. Ja, ze mogen zich soms wel eens buigen over welk speeltoestel er zal worden aangeschaft en ze mogen misschien zelfs een heuse ‘snoepdag’ organiseren, maar regels invoeren of afschaffen? Natuurlijk niet. Laat staan praten over wat nu eigenlijk een goede uitleg is en welke leerkracht dat wel en welke leerkracht dat niet in praktijk brengt. Stel je voor, zeg: ‘Dat kunnen zij toch niet beoordelen?’
Oh nee? In de eerste jaren dat ik bij de onderwijsinspectie werkte, was het gebruikelijk om ook met leerlingen te spreken. Geloof het of niet, het verslag van het gesprek met de leerlingen vertoonde altijd de meeste overeenkomsten met mijn eindrapport. De leerlingen hebben namelijk feilloos in de gaten welke leerkracht goed lesgeeft en welke niet. Ook als de school denkt dat de leerlingen ‘van niks’ weten!

Dus ik zou zeggen, neem de leerlingen serieus en praat met ze over de dingen die ertoe doen in het onderwijs. Albert Heijn neemt z’n klanten toch ook serieus?

Stel bijvoorbeeld het belachelijke stilteteken eens aan de orde. Juf of meester maakt een gebaar en dan moeten alle kinderen dat gebaar nadoen en hun mond houden. Misschien een goed middel in de groepen 1 en 2 – hoewel: wat was er mis met de juf die zodra ze begon te zingen de aandacht van alle leerlingen had? – maar in de bovenbouw een belediging voor leerlingen die over een paar jaar naar het voortgezet onderwijs gaan! Een goede leerkracht zegt gewoon dat zijn of haar leerlingen even moeten luisteren. Toch?

En de doorgaande lijn dan? Nou, zullen we die eerst maar eens toepassen op het instructiegedrag van leerkrachten? Trouwens, een doorgaande lijn betekent helemaal niet dat iets in alle groepen op dezelfde manier geregeld moet zijn. Integendeel, het betekent dat er sprake moet zijn van een logische opbouw. In de lagere groepen geven we met pictogrammen het programma aan en in de hogere groepen hanteren we een schema met tijden. Dat is een doorgaande lijn!

(En echt, enkele scholen bestaan het om zelfs in de bovenbouw het dagprogramma met picto’s aan te geven. Ongelooflijk, maar waar.)

Maar, zo zullen sommige scholen tegenwerpen, de leerlingen vinden het helemaal niet erg hoor.

Oh nee? Hoe weet u dat? ‘Nou, ik heb zelf in de kring gevraagd of ze het erg vonden, en niemand stak z’n vinger op.

Tja … Leren we de leerlingen sociaal wenselijk te reageren in de grote groep of leren we ze kritisch te denken? Burgerschaap of burgerschap?