Column: archief

De hbo-geschoolde leerkracht, een uitstervend ras?

Door: Theo Wildeboer

Met ingang van dit cursusjaar staan er leerkrachten voor de klas die universitair zijn opgeleid. Ik hoop dat uw verwachtingen net zo hoog gespannen zijn als de mijne. Zullen deze leerkrachten de o zo gewenste kwaliteitsslag in het onderwijs een boost kunnen geven?

U weet net als ik dat veel hbo-geschoolde leerkrachten al heel lang signalen afgeven dat het werk hun te veel wordt. En dat is niet zo gek. Ze moeten lesgeven in meer dan tien vakken, groepsplannen schrijven, eisende ouders te woord staan en veel onzinnige administratie voeren. Veel toegewijde en hartelijke leerkrachten zien door de bomen het bos niet meer. Ze worden systematisch overvraagd; er ontstaat tegenzin in het werk. En dat geeft stress, fouten en uitval.

Het roer moet dus om. Maar hoe? Tot dusver zochten we oplossingen in parttime werken, coaching, nascholing en de inzet van klassenassistenten. Maar het neveneffect van dit alles is dat het tot een grotere werkdruk leidt. Parttime werken bijvoorbeeld vraagt nu eenmaal meer administratie en overleg.
Wordt het niet eens tijd dat politici, beleidsmakers en onderwijsbobo’s ruiterlijk toegeven dat werken in het onderwijs zo ingewikkeld is geworden, dat een universitaire vooropleiding een vereiste is? En dat eigenlijk alleen een ‘zwaar bevochten’ mastertitel de kans vergroot op duurzaam hogere opbrengsten?

Neem het voorbeeld Finland. In internationale vergelijkingen, zoals PISA, scoren Finse leerlingen erg hoog. Op taalgebied bijvoorbeeld haalt bijna tachtig procent van de leerlingen het niveau dat gevraagd wordt in de hedendaagse kennissamenleving. Gemiddeld haalt zestig procent van de leerlingen in de OESO-lidstaten dit niveau. Ook op het gebied van rekenen scoort Finland hoog. En de Finse leerkrachten? Ze volgen een gedegen vijf jaar durende studie, met genoeg theoretische bagage, stage en praktijkonderzoek. Tijdens de studie wordt ingezet op het trainen van de analytische blik en het vermogen tot reflectie. Want professionals die lessituaties (en zichzelf) analytischer kunnen beoordelen, zullen in de praktijk meer en sneller overzicht hebben en dus ook meer belastbaar zijn. Ze zullen op complexe situaties reageren, niet met angst, maar met wetenschappelijke nieuwsgierigheid.

Terug naar ons land. Afscheid nemen van de hbo-geschoolde leerkracht vraagt niet alleen een flinke investering, maar vooral ook een dosis lef. Dat laatste is, naar ik vermoed, de bottleneck. Kunnen wij het onze huidige zittende politici, beleidsmakers en onderwijsbobo’s toevertrouwen dat zij ervoor zorgen dat in ons land nog voor het jaar 2020 een fit en sterk korps van adequaat academisch geschoolde leerkrachten aan de start verschijnt? Hebben zij het lef om zo’n kritisch en autonoom lerarenkorps naast zich te dulden en te laten groeien?

Trouwens: er zijn in dat geval nog wel meer drempels te slechten. Zo vraagt een academisch geschoold werkveld bijvoorbeeld een andere stijl van inspectietoezicht: toezicht gebaseerd op wederkerigheid en dialoog. Dat kan voor de gemiddelde inspecteur nog wel eens spannend worden!

Toch blijf ik hoop houden voor het onderwijs. Volgens mij kan het en moet het leerkrachten scholen op een hoger niveau, zodat ze hun werk aankunnen.
En als er al met al dan minder te regelen en te bedenken valt, omdat het veld zelf het heft in handen neemt, dan hoeven we alleen nog maar een zinvolle besteding te vinden voor al die topbestuurders en topbetweters die zich nu dagelijks blauw vergaderen.

Na een stevige bijscholing voor de klas misschien?